015 | ADHD & Bijbellezen | Verwachtingen en Kleine Wonderen

ADHD
Christen
Vrouw
Bijbel lezen
Een drukke dag en tijd met God (00:00)
Oké, lieve mama, lieve vrouw. Misschien herken je dit. Je hebt al een superdrukke dag gehad, of je gaat een hele drukke dag tegemoet, en de intentie is wel dat je graag tijd met God wilt spenderen. Maar je hebt geen idee wanneer je de Bijbel moet gaan lezen, en hoe moet dat dan eigenlijk, zonder dat het weer een zware taak wordt?
Vandaag gaan we weer verder met Kom lees met mij. We gaan samen de Bijbel lezen, we nemen er gewoon even de tijd voor en we doen het samen. We hoeven het niet alleen te doen. Vandaag lezen we Mattheüs 11, en daarin staat onder andere een van mijn lievelingsverzen uit de Bijbel:
Kom naar mij toe, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, dan zal ik jullie rust geven. Neem mijn juk op je en leer van mij, want ik ben zachtmoedig en nederig van hart, dan zullen jullie werkelijk rust vinden. Want mijn juk is zacht en mijn last is licht.
Mattheüs 11:28 is eigenlijk het kernvers geweest van mijn burn-out in 2024. Ik dacht: voor deze aflevering van Kom lees met mij ga ik Mattheüs 11 met jullie lezen. Ik vind het best grappig, want Mattheüs 11 is een lastig hoofdstuk, maar wat een mooie afsluiting geeft Jezus in vers 28. Dus pak je Bijbel erbij, pak een schrift erbij, en dan gaan we samen gezellig de Bijbel lezen. Ik hoop dat je er klaar voor bent. Ik ben al blij dat je er bent.
Welkom bij Faith Fueled ADHD Moms (01:37)
Ben jij toe aan een dag waarop je je aan het einde van de dag niet overweldigd voelt? Wil jij een manier vinden om alles te combineren: je geloof, het huishouden, je werk, het gezinsleven, sociale afspraken? Misschien is het al overweldigend als ik het zo opnoem. Het is ook veel. Zoek jij naar rust en handvatten om tijd met God door te brengen en die ruimte en rust weer terug te vinden? Dan ben je hier precies goed. Welkom bij de Faith Fueled ADHD Moms podcast.
Ik ben Aimee Raadman, ADHD-coach met bijna 34 jaar persoonlijke levenservaring met ADHD. Ik ben moeder van twee kleine kinderen en iemand die na een flinke burn-out van God de roeping kreeg om andere christelijke moeders zoals jij met ADHD te helpen. In deze podcast geef ik jou de handvatten voor hemelse rust in je hoofd, in je huis en in je hart, samen met Jezus. Want jij bent niet je diagnose. Je bent een kind van de Allerhoogste en je bent wonderlijk gemaakt.
Heb je je koffie of thee al bij je? Pak je notitieboekje en een lekker dekentje erbij, dan gaan we beginnen.
Een momentje dankbaarheid (03:05)
Even een kleine gratitude notice voor jou. Ik ben zo blij dat jij luistert. Misschien ben je nieuw, misschien luister je al een paar afleveringen mee. Hoe is je week tot nu toe? Misschien is het je opgevallen dat ik nu twee keer per week een aflevering heb in plaats van één keer. Ik vind het superleuk en ook spannend, en ik ben vooral benieuwd hoe jij het vindt. Laat het me weten.
Als je een review achterlaat, kan mijn podcast steeds beter gevonden worden door medemoeders en medevrouwen die hem misschien enorm kunnen gebruiken, en zodat God hen mag leiden naar meer rust in hun hoofd, huis en hart.
Waarom Mattheüs 11 geen makkelijk hoofdstuk is (03:55)
Vandaag gaan we het hebben over Mattheüs 11. Ik vind het niet per se het makkelijkste hoofdstuk uit de Bijbel. De vorige aflevering ging over Mattheüs 6, en Mattheüs is zo'n mooi boek dat vol zit met informatie. Soms moet je een stuk een paar keer lezen en er zelfs tijd overheen laten gaan voordat God het je openbaart en je snapt wat er echt staat. Mattheüs 11 is er zo eentje.
Ook een kleine disclaimer: ik weet echt niet alles. Ik lees deze hoofdstukken vooral om het evangelie te kunnen verspreiden, zodat meer mensen het goede nieuws mogen horen en weten waar de echte innerlijke rust vandaan komt. Betekent dat dat alles dan van een leien dakje gaat en we alleen maar voorspoed kennen? Ik denk het niet. Ik denk dat we vooral mogen weten dat we, waar we ook doorheen gaan, alles aankunnen door Jezus, die ons daar de kracht voor geeft. Als we onder lasten gebukt gaan, hoeven we die last niet alleen te tillen. Hij tilt met ons mee, en daardoor wordt het een stuk lichter om te dragen.
Misschien ga jij momenteel door een seizoen met zware gebeurtenissen. Misschien klinkt het allemaal heel makkelijk: je kunt toch bidden en om rust vragen? Maar je ervaart het nu niet, en je vraagt je af of je dan misschien iets fout doet. Juist daarin vind ik dit hoofdstuk zo mooi, en al helemaal vers 28, waar Jezus ons uitnodigt om bij hem te komen, omdat hij de rust is. Hij laat ons ook weten dat we zijn juk mogen dragen, want dat is zacht en licht. Ik zie dat zelf als een uitnodiging om, ook als we onrustig zijn en ons niet goed voelen, bij Jezus te komen. Hij belooft niet dat de onrust dan in één klap weg is, maar hij wil het samen met je dragen. Het is alsof hij zegt: kom maar naar mij toe, je hoeft het niet alleen te dragen. Ik zie dat je moe bent, ik zie dat je onder lasten gebukt gaat. Kom naar mij toe en spendeer tijd met mij, ik wil dit zo graag samen met je dragen.
Misschien voel jij dat je door een moeilijke tijd heen gaat. Weet dan dat je gevoelens echt zijn. Maar hij is er, ook als ons gevoel soms iets anders zegt.
Gevoel, verstand en wil: een goed team (06:18)
Soms is ons gevoel als een op hol geslagen paard dat de koets trekt, zeker als we ons continu door ons gevoel laten leiden. Ik zie het vaak zo: je hebt je gevoel, je verstand en je wil, en die drie werken het beste samen. Het is meer een team dan dat de een de baas gaat spelen. Als mijn gevoel continu het voortouw neemt en ik alleen op gevoel zou handelen, dan is dat best onbetrouwbaar. Ons gevoel is door God gemaakt, dus het zit er niet zomaar. Maar we mogen ons er heel bewust van zijn wanneer het niet klopt, en daar komen verstand en wil zo mooi naar voren.
Een voorbeeld: stel dat ik zou handelen op gevoel in de week voordat ik ongesteld word. Volgens mij weten we allemaal dat dat niet de meest perfecte week is om beslissingen te nemen. Die zijn dan of heel impulsief, of ze zijn gebaseerd op hoe ik me op dat moment voel. Als ik dan vrolijk ben of juist verdrietig, kan dat heel leidend zijn, en daarom is het belangrijk dat ook mijn verstand en mijn wil een zegje hebben.
Zo is het ook met God. Als ik alleen uitga van mijn gevoel, van "hé, ik voel hem vandaag niet", dan zou dat moeten betekenen dat hij niet bestaat. Maar met mijn verstand weet ik dat hij bestaat. Er is zoveel bewijs, om te beginnen in Gods Woord en in de vele profetieën die zijn uitgekomen. En als ik gewoon om me heen kijk, bijvoorbeeld in de natuur, dan zie ik zoveel van Gods aanwezigheid en van zijn hand dat ik niet anders kan dan geloven dat hij bestaat en dat hij ook voor mij is opgestaan uit de dood.
Dan is er nog de wil. Af en toe heb ik nergens zin in, of ik heb geen idee wat ik moet doen en loop compleet vast. Maar mijn wil is dat ik hem wil volgen. Ik wil graag bij hem zijn, ook al is dat soms heel lastig. Ik dwaal een beetje af, maar ik hoop dat mijn punt duidelijk is: gevoel, wil en verstand zijn een goed team, maar geen goede CEO. Onze CEO is God. Ik weet eigenlijk niet waar dit vandaan kwam, want dit stukje had ik helemaal niet voorbereid. Heer, u mag het in goede banen leiden voor degene die dit moest horen.
We lezen het hele hoofdstuk (09:53)
Ik pak mijn Bijbel erbij. Ik had vandaag eigenlijk mijn aantekeningen moeten maken, want het was voor mij best even uitpluizen. Voel je ook vrij om me een mailtje te sturen als je vragen hebt, of als je graag eens een stuk samen met mij zou willen lezen, dat ik een hoofdstuk voorlees of dat je aanschuift bij de podcast. Stuur dan een mail naar hello@studiodoeners.nl.
Vandaag is het dus de tijd voor Mattheüs 11. Ik lees uit de Nieuwe Bijbelvertaling en ik kijk ondertussen naar mijn notities, want die heb ik voor dit hoofdstuk echt nodig. We lezen het hele hoofdstuk. Een kleine heads-up over hoe we dit gaan doen: ik lees eerst het hele hoofdstuk met jullie, en daarna breek ik het op in een aantal kleine stukjes, waarbij ik mijn gedachten met jullie deel.
In de aflevering leest Aimee eerst het hele hoofdstuk achter elkaar voor. Hieronder staat het hoofdstuk in stukjes, precies zoals ze het daarna bespreekt.
Een pittig stuk (14:52)
Ik vind dit best een pittig stuk. Ik weet niet hoe jullie het vonden, maar Mattheüs 11 vind ik een groot en pittig hoofdstuk. Het lijkt bijna alsof vers 28 een beetje random komt, van: waar komt dat vandaan? Dus ik dacht: laat ik het eens uitpluizen. Steeds lees ik een stukje en daarna vertel ik jullie mijn gedachten erover. Zo hakken we het in stukjes en blijft het behapbaar om naar te luisteren.
Mattheüs 11:1-6: Twijfelt Johannes de Doper? (15:28)
Toen Jezus uitgesproken was en de twaalf leerlingen zijn opdracht had gegeven, trok hij verder om in hun steden onderricht te geven en er het goede nieuws te verkondigen. Toen Johannes in de gevangenis over het optreden van de messias hoorde, stuurde hij enkele van zijn leerlingen naar hem toe met de vraag: Bent u degene die komen zou, of moeten we een ander verwachten? Jezus antwoordde: Zeg tegen Johannes wat jullie horen en zien: blinden kunnen weer zien en verlamden weer lopen, mensen met huidvraat worden gereinigd en doven kunnen weer horen, doden worden opgewekt en aan armen wordt het goede nieuws bekendgemaakt. Gelukkig is degene die aan mij geen aanstoot neemt.
Sowieso wil ik jullie meegeven dat herhaling in de Bijbel nooit verkeerd is, want het is het levende Woord. God wil je elke keer nieuwe kleine stukjes openbaren, op het moment waarvoor het bedoeld is. Elke keer als ik de Bijbel lees, kan het op een andere manier binnenkomen dan de vorige keer. Het herlezen helpt mij ook om een tekst te ontleden: wat staat hier nu eigenlijk?
Ik vond het opvallend dat Johannes vroeg: "Bent u degene die komen zou, of moeten we een ander verwachten?" Volgens mij zei Johannes in Johannes 1 al: "Kijk, daar komt het Lam." Johannes de Doper wist dus dat Jezus de messias was. Waarom vraagt hij het dan nog een keer? Jezus antwoordt met een verwijzing naar Jesaja 35:5-6 en Jesaja 29:18-19.
Is het omdat Johannes zelf begint te twijfelen door wat hij hoort van mensen om hem heen, schriftgeleerden en farizeeën die hem misschien van het juiste pad probeerden af te brengen? Of omdat hij wist dat zijn tijd bijna gekomen was en hij ter dood gebracht zou worden? Ik ben daar best benieuwd naar. Maar eigenlijk is het ook wat wij tegenwoordig doen: als we zeker weten dat iets van God is, gaan we later toch twijfelen of God het echt zo gezegd heeft. Ik praat net zo hard tegen mezelf als tegen jullie.
Dat zie je ook in de tuin van Eden. Adam en Eva leefden samen met God in de tuin. Ik kan me daar alleen maar een voorstelling van maken, en ik denk dat alle voorstellingen die we maken in het niet vallen bij hoe mooi het moet zijn geweest. Ze hebben God ontmoet, ze hebben hem gehoord, ze hebben met hem gelopen en ze hoorden zijn geboden. En toch was daar de slang: "Heeft God echt gezegd dat jullie niet van die boom mogen eten?" Dat komt steeds terug. Dit stond niet in mijn notities, het komt op terwijl ik het zeg, maar misschien had Johannes hetzelfde en begon hij te twijfelen of Jezus echt de messias was.
Misschien was het antwoord van Jezus dan ook: kijk naar wat er gebeurt, en naar wat Jesaja al jaren geleden heeft voorspeld. Johannes kende dat, hij herinnert zich wat er al gezegd is. Misschien zegt Jezus: laat je niet van de wijs brengen door wat farizeeën of schriftgeleerden zeggen, maar kijk naar wat er geschreven staat en weet wat ik zelf heb gezegd. Herinner je de goede boodschap. Wat heeft God tegen jou gezegd? Wat heeft hij aan jou bekendgemaakt?
God past niet in een doosje (20:46)
Dat was een van de kleine nuggets die ik onderweg bedacht. Wat ik zelf had opgeschreven over dit stuk, is dat mensen vaak verwachtingen hebben van hoe iets zal gebeuren, en dat we verwachten dat God op een bepaalde manier zal handelen omdat we erom hebben gevraagd. Wat we vaak vergeten is dat we God niet in een doosje kunnen stoppen. Hij heeft een meesterplan waar wij geen benul van hebben. We kunnen God niet doorgronden, maar we kunnen altijd om wijsheid vragen, en hij zal op het juiste moment openbaren wat hij ons wil laten zien. Wij verwachten vaak een soort instant gratification, op het moment dat we iets vragen.
Dat is denk ik waarom ik "Gelukkig is degene die aan mij geen aanstoot neemt" heb opgeschreven. Jezus is nederig van hart, hij heeft een meesterplan waar wij geen benul van hebben, en wij mogen ons aan hem overgeven en weten dat zijn plan goed is voor ons leven. Dat hoeven we niet leuk te vinden, en het kan heel zwaar zijn. Soms gaan we door seizoenen heen die we heel moeilijk vinden. Maar hij is één en al goedheid, er zit niets slechts in hem. Als we hem iets vragen en het gebeurt niet direct, mogen we geduldig zijn: wat hij doet, is goed.
Daar zit ook een stukje verwachtingsmanagement van onszelf in. Wat verwachten wij eigenlijk van God, en zijn die verwachtingen wel bijbels? Zijn het verwachtingen op basis van wat de Bijbel zegt, zoals in Jesaja, of hebben wij zelf een beeld van hoe God zou moeten zijn? Dat bedoel ik met hem in een doosje stoppen. Ik kan God natuurlijk iets vragen, maar hij gaat niet handelen op de manier waarop ik had bedacht dat hij zou handelen.
Een heel stom voorbeeld. Ik weet niet of ik dit eerder in de podcast heb verteld, maar God heeft humor, dat moet wel, want anders hadden wij het ook niet. Een tijd geleden gingen we op vakantie richting Duitsland en stonden we in een megafile voor de grens. Ik moest zo nodig naar het toilet, echt niet normaal. Eerst kon ik het nog volhouden, maar het werd steeds lastiger, want die file bleef maar doorgaan. Ik bad: "Heer, alstublieft, los deze file op, of laat ons anders ergens een wc voorbijkomen." In mijn verwachting hadden de auto's bij wijze van spreken maar een beetje aan elkaar mogen gaan, wat natuurlijk onrealistisch is.
Op een gegeven moment zegt mijn mam dat er een stukje verderop een toiletruimte is. Ik zei: oké, prima, laten we daarheen gaan, want ik heb echt een toilet nodig. Gelukkig, toilet gevonden. Ik was zo blij, en jullie dames zullen het herkennen, want dit is universeel: als je nodig moet en je zit in de auto, is dat heel oncomfortabel.
Toen we weer instapten en verder reden, wat denk je? De file was weg. We konden direct doorrijden. Ik dacht: dit is niet hoe ik het bedacht had, maar de file is wel weg. Dank u, Heer. Ik vond het zo hilarisch wat God had gedaan: een toilet én de file weg. Dat is wat ik wil zeggen over verwachtingen. Wij kunnen een verwachting hebben van onze God en Vader, maar hij laat zich niet in een doosje zetten. We kunnen wel verlanglijstjes geven en verwachten dat God ons ooit die Ferrari gaat geven, maar hij kijkt naar wat goed voor ons is, want hij is een liefdevolle Vader die precies geeft wat wij nodig hebben. Dat is zijn goede meesterplan.
Dat is ook wat Jezus volgens mij bedoelt met "gelukkig is degene die aan mij geen aanstoot neemt". We mogen hem volgen in zijn rust en in zijn goede nieuws dat hij de messias is en dat hij een plan heeft voor ons leven. Wij kunnen alleen om de eerste stap vragen, en niet om het hele helikopterview. Dat is Gods taak.
Mattheüs 11:7-15: Johannes de Doper en het Koninkrijk (26:57)
Toen ze weer vertrokken, begon Jezus met de mensen over Johannes te spreken: Waar zijn jullie in de woestijn naar gaan kijken? Naar het wuiven van het riet in de wind? Wat zijn jullie dan gaan zien? Een mens die rijk gekleed gaat? Wie rijk gekleed gaat, verkeert in koninklijke kringen. Maar wat zijn jullie dan wel gaan zien? Een profeet? Jazeker, ik zeg jullie: zelfs meer dan een profeet. Hij is het over wie geschreven staat: Let op, ik zend mijn bode voor je uit, hij zal een weg voor je banen. Ik verzeker jullie: onder allen die uit een vrouw geboren zijn, is nooit iemand opgetreden die groter was dan Johannes de Doper, maar in het koninkrijk van de hemel is de kleinste nog groter dan hij. Sinds de dagen van Johannes de Doper wordt het koninkrijk van de hemel door geweld bedreigd en proberen sommigen er zelfs met geweld beslag op te leggen. Want de profetieën van alle profeten en van de wet reiken tot de dagen van Johannes. En voor wie het wil aannemen: hij is Elia die komen zou. Wie oren heeft, moet goed luisteren.
Geweld en Gods timing (28:13)
Wat wordt er bedoeld met "het koninkrijk van de hemel wordt door geweld bedreigd en sommigen proberen er met geweld beslag op te leggen"? Daar is veel speculatie over. Aan de ene kant kan het de negatieve kant zijn, dat het koninkrijk van de hemel steeds bedreigd wordt door het kwaad. Maar het kan ook zijn dat mensen met hun eigen verwachtingen en met wat zij zelf willen, het hier en nu met geweld naar zich toe willen trekken.
Misschien vinden we een belangrijke sleutel in het vers dat erna komt: de profetieën van alle profeten en van de wet reiken tot de dagen van Johannes. Misschien wilde Jezus hier duidelijk maken dat er een tijd is voor alles onder de hemel, maar dat mensen het nu graag heel graag willen en meteen willen hebben. Wij hebben de neiging tot instant gratification, toch? We willen het nu, en op mijn manier, en het liefst zo snel mogelijk, want als ik moet wachten heb ik daar gewoon geen geduld voor. Misschien doen we dat vanuit een goed idee en een goede intentie, maar uiteindelijk is het Gods timing en niet onze timing.
Wat we ook hebben gelezen is dat Jezus op de vraag van Johannes geen ja of nee antwoordt. Hij zegt: dit is wat er gebeurt, dit is wat er geschreven staat. Later zegt hij het natuurlijk wel, wanneer hij bijna gekruisigd gaat worden. Maar hier zegt hij: de blinden gaan zien, de doven gaan horen, en dat komt overeen met wat Jesaja heeft voorspeld. Hoe vaak wuiven wij een antwoord van God weg met: ja, maar zo is het niet bedoeld, eigenlijk bedoel ik het nu?
Waarom zou ik me tegen laten houden door angst? Je moet je nooit door angst laten tegenhouden. Maar kijk ook naar de vrucht van je gedachten op dat moment. Als je zegt: ik wil het nu, is het dan omdat God akkoord gaat en zegt "ga maar", of is het omdat je geen geduld hebt? Misschien is er een betere tijd. Misschien heeft God daar veel betere timing voor.
Een voorbeeld uit mijn eigen leven: heel lang was mijn verlangen om mee te doen met een programma waar behoorlijk wat geld mee gemoeid was. Ik had zoiets van: ik weet niet hoe ik het voor elkaar ga krijgen, maar ik ga het gewoon doen. God zei daarop: nu nog niet. Ik vond het niet leuk. Maar als ik het op dat moment had gedaan, was het niet handig geweest, ook voor het seizoen waarin ik nu zit met mijn bedrijf. Ik ben het aan het opbouwen en ik vind het nu vooral belangrijk dat ik zoveel mogelijk vrouwen probeer te helpen. Alles heeft zijn tijd. Ik geloof echt dat God daarin de juiste timing heeft, dat hij aan mij werkt, en dat hij de CEO van mijn bedrijf is en niet ik. Het is belangrijk dat ik in zijn voetstappen treed en dat hij de weg leidt.
Zo is dat ook voor jou. Je mag handelen, je hoeft je niet te laten tegenhouden door angst, maar kijk heel goed: wat is Gods timing hierin, mag ik dit nu al doen? En als het ja is, dan ga je het doen, ook zonder dat je al weet hoe het voor elkaar gaat komen. Ik hoef daar geen bewijs van te hebben. Als God zegt "ja, ga", dan ga je. En op het moment dat hij zegt "wacht", dan wacht je. Dat klinkt natuurlijk heel makkelijk en dat kan best lastig zijn. Soms hebben we een bepaalde voorstelling van hoe iets zou moeten zijn: op dit moment moeten we iets krijgen, dat is onze timing, hoe sneller hoe beter. Maar soms is dat niet Gods manier.
Betekent dat dan dat we stil moeten blijven afwachten? Nee. We mogen handelen, dat zie je ook in de gelijkenis van de talenten. Een dienaar was bang en wachtte af tot zijn meester terugkwam, en deed niets met het talent dat hij had gekregen. Wij mogen juist samen met God de weg bewandelen. We mogen zijn wijsheid onderzoeken, vragen stellen en om zijn leiding vragen. Daarom is het ook zo belangrijk om je in het Woord te verdiepen. Het Woord was er in het begin, het Woord is mens geworden, en Jezus is het levende Woord. Hij is dood geweest en hij is weer opgestaan. We mogen het Woord blijven onderzoeken, want dat is het dichtst wat we bij het karakter van God komen. Doordat het het levende Woord is, openbaart hij het aan ons op de momenten dat wij het geopenbaard moeten krijgen.
De Schriften leiden ons naar de wil van Jezus. We mogen hem vragen: hoe wilt u dat ik ga handelen, wat wilt u dat ik doe? En ook op momenten dat ik het niet snap, of dat ik de weg kwijt ben, weet ik dat hij naast me is. Misschien gaat de angst op dat moment niet weg, maar ik hoef niet bang te zijn, want God is met mij en hij draagt het. Door de Bijbel te onderzoeken leren we steeds meer over het karakter van God. Of we nu links of rechts moeten gaan, alles is op de juiste tijd, en we mogen en kunnen erop vertrouwen, met ons gevoel, onze wil en ons verstand, dat Jezus er is en ons leidt, ook op de momenten dat we het niet snappen.
Dit wordt een langere podcast dan ik van tevoren had bedacht, maar het zal in goede banen worden geleid. Ik ben benieuwd of je er nog bent. Laat het me weten in de comments met het codewoord "Johannes", en laat me ook weten wat je inzichten zijn en wat je vragen zijn. Ik ben heel benieuwd naar jouw vragen en opmerkingen. Je mag ze in de comments zetten, en je mag me ook altijd een mail sturen naar hello@studiodoeners.nl. We zijn nog niet door Mattheüs 11 heen, dus we gaan snel verder.
Mattheüs 11:16-19: Jezus voldoet niet aan onze verwachtingen (35:51)
Waarmee zou ik de mensen van deze generatie vergelijken? Ze lijken op kinderen die op het marktplein zitten en elkaar toeroepen: Toen we voor jullie op de fluit speelden, wilden jullie niet dansen. Toen we een klaaglied zongen, wilden jullie niet rouwen. Want toen Johannes kwam, die niet at en niet dronk, zei men: Hij is door een demon bezeten. Nu is de Mensenzoon gekomen, hij eet en drinkt wel, en nu zegt men: Kijk toch eens, wat een veelvraat, wat een dronkaard, die vriend van tollenaars en zondaars. En toch is de wijsheid door heel haar optreden in het gelijk gesteld.
Dit hoofdstuk zit soms vol raadsels. We moeten goed lezen en goed luisteren, en daarmee ook vragen: Heer, wat wilt u zeggen met dit hoofdstuk, wat kan ik hierin leren? Gelukkig openbaart God niet alles aan ons, want daar zijn we ook niet voor gemaakt. Dat kun je ook lezen in Job 38 en 39, en nog verder.
In Mattheüs 11 hebben we het in deze aflevering vaak over verwachtingen gehad. In dit stukje wordt gezegd dat mensen een hele hoop verwachtingen hebben, en zeker van de Mensenzoon. De farizeeën hadden waarschijnlijk een bepaald beeld gemaakt van hoe de messias eruit zou moeten zien: een rijke koning die heel koninklijk regeert, of een groot politiek leider. Maar dat klopte niet met de realiteit, want Jezus is de messias. Deze mensen namen aanstoot aan Jezus omdat hij niet voldeed aan hun verwachtingen. Dat zien we ook in dit stuk: Jezus kan het volgens de verwachtingen van mensen niet goed doen. Als hij met de zwakken, de tollenaars en de zondaars aan tafel zit, vinden de farizeeën daar iets van. Maar Jezus zegt ook dat hij een dokter is voor de zieken en niet voor de gezonden.
De koning die bij ons aan tafel komt (38:12)
Hoe bijzonder is het eigenlijk dat God, de Koning der koningen, de Allerhoogste, op aarde is gekomen als vriend voor de zwakken, als dokter voor zondaars? Zijn hele optreden is één en al barmhartigheid. Kun je nagaan: als koning Willem-Alexander bij ons op visite zou komen, dan zouden we al denken: wow, de koning is op bezoek. Ik weet niet eens hoe ik zou moeten reageren als hij ineens voor mijn deur stond. Ik zou denken: o, de eer voor mijn huishouden. Of ik zou denken: wat kom je hier doen, is er iets aan de hand?
Maar Jezus, die God is natuurlijk, kwam bij ons in huis. Hij kwam om vrienden met ons te worden. Hij werd mens en hij ging bij mensen op visite. Hij at met de zondaars en met de tollenaars, de mensen die op dat moment door de hele samenleving werden uitgespuugd. En Jezus zegt: ik hou van je, kom bij mij, kom rusten bij mij. Dat is zoiets bizars. Hij is de koning, en wij beseften waarschijnlijk niet eens dat hij de Zoon van God is. Ik kan het niet helemaal bevatten dat de koning gewoon aan tafel is gekomen en met ons heeft gepraat als een goede vriend.
En dat is nu nog steeds hetzelfde. We mogen nog steeds met hem praten als met een goede vriend, want dat is hij ook: onze beste vriend. En tegelijkertijd is hij onze Vader, en mogen we alles bij hem brengen. Als je erover nadenkt, hoe groot hij eigenlijk is, en dat hij zo klein wilde worden om mens te worden, als vriend voor ons. Hij kent ons zo goed, hij kent alle haren op ons hoofd. Dan moet je toch wel een goede vriend en een Vader en onze Maker zijn om ons helemaal te kennen. Echt bijzonder.
Mattheüs 11:20-24: Steden die niet tot inkeer kwamen (40:18)
Daarop maakte hij de steden waar bijna al zijn wonderen hadden plaatsgevonden het verwijt dat ze niet tot inkeer waren gekomen: Wee jou, Chorazin, wee jou, Betsaïda! Want als in Tyrus en Sidon de wonderen waren gebeurd die bij jullie gebeurd zijn, dan zouden de inwoners van die steden zich allang in een boetekleed hebben gehuld en met stof op hun hoofd tot inkeer zijn gekomen. Ik zeg jullie: op de dag van het oordeel zal het lot van Tyrus en Sidon draaglijker zijn dan dat van jullie. En jij, Kafarnaüm, je denkt toch niet dat je tot in de hemel zult worden verheven? In het diepst van het dodenrijk zul je afdalen! Want als in Sodom de wonderen waren gebeurd die bij jou gebeurd zijn, dan was het tot op de huidige dag blijven bestaan. Ik zeg je: op de dag van het oordeel zal het lot van Sodom draaglijker zijn dan dat van jou.
Dit is best een pittig stuk. Deze steden hadden al die wonderen gezien en toch geloofden ze niet dat Jezus de Zoon van God is. Ze keerden zich niet af van de zonde en ze begonnen Jezus ook niet te volgen. Hoe kan dat? Dachten ze dat ze God trouw bleven door niemand anders dan God te volgen? Hadden ze andere verwachtingen? Waren hun ogen dicht voor de wonderen van de Mensenzoon? Of kenden ze de Schriften simpelweg niet en wisten ze niet dat voorspeld was wat de Mensenzoon zou gaan doen? Ik weet zelf niet wat ze op dat moment dachten. Maar ik weet wel dit: laten we onze ogen open houden voor de vruchten van Jezus.
Zien wij Gods wonderen nog? (42:13)
Ik heb het niet alleen over toen, maar ook over nu, want ik geloof dat God overal is. Ik denk dat hij ons zoveel meer bekend wil maken, zonder dat we het weten of zelfs maar opmerken. Ik weet niet hoe het bij jullie zit, maar ik zie zoveel mensen met hun neus in de telefoon die niet meer om zich heen kijken. We zien elkaar niet meer, en we zien ook de natuur om ons heen niet meer. De wonderen van God zijn overal, denk ik. Maar hoe dicht zitten soms onze ogen? Hebben we nog de rust en de ruimte om onze ogen bewust open te zetten voor de wonderen die God heeft gedaan of nog steeds doet?
Dat is misschien een confronterende vraag, zowel aan jou als aan mezelf. Zijn we door alle ellende van tegenwoordig, die je op het nieuws ziet en om je heen ziet gebeuren, immuun of blind geworden voor Gods wonderen? En wanneer is iets eigenlijk een wonder? Kijk eens naar jouw leven, dat ga ik zelf ook doen. Wat zie jij als een wonder? Zou het kunnen zijn dat je vandaag nog bestaat? Misschien heb je iets meegemaakt waardoor je op een nippertje aan de dood bent ontsnapt. Of is het een wonder dat je veilig thuis bent gekomen, of dat je kindje groente heeft gegeten? Laten we eerlijk wezen, dat kan echt een struggle zijn, en dat ze warm hebben gegeten is ook al een ding.
Wat zijn dingen waarin we zijn hand kunnen zien? Zijn het de kleine dingen die we kunnen opschrijven en waarvoor we dankbaar mogen zijn, en die op zich al een klein wonder zijn? Het is geen opdracht, want dat klinkt zo zwaar, maar ik wil je uitdagen om eens te kijken naar de kleine wonderen. Waar heb jij vandaag Gods hand in gezien?
Mattheüs 11:25-27: Verborgen voor wijzen, onthuld aan eenvoudigen (44:08)
In die tijd zei Jezus ook: Ik loof u, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat u deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt gehouden, maar ze aan eenvoudige mensen hebt onthuld. Ja, Vader, zo hebt u het gewild. Alles is mij toevertrouwd door mijn Vader, en niemand dan de Vader weet wie de Zoon is en wie de Vader is. Dat weet alleen de Zoon, en iedereen aan wie de Zoon het wil openbaren.
De schriftgeleerden wisten wel wat er in de Schriften was voorspeld over de Mensenzoon. Kun je nagaan, deze farizeeën en schriftgeleerden die de Schrift zo goed kenden. Vroeger moesten ze het hele Oude Testament uit hun hoofd kennen, en het was een volk dat veel mondeling aan elkaar doorvertelde. Zo citeerde Jezus aan het kruis ook de eerste zin van Psalm 22: "Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?" Het was niet dat hij dacht dat God hem had verlaten, maar hij begon met de eerste zin van die psalm. Een aanrader om te lezen. Ik ga er vandaag niet dieper op in, maar dat kan ik natuurlijk wel doen in een nieuwe Kom lees met mij. Laat me vooral in de comments weten of je dat ziet zitten, of stuur me een mail.
De schriftgeleerden wisten dus wat er in de Schriften stond, en toch geloofden ze niet dat Jezus de messias is. Het stond letterlijk voor hun neus. Ze zagen de Schriften werkelijkheid worden, keer op keer, en geloofden nog steeds niet dat Jezus de Zoon van God is. Hun eigen verwachtingen waren belangrijker voor hen geworden dan Jezus zelf, die ze voor hun ogen zagen.
Eigenlijk is dat best confronterend. Mensen zeggen soms: als Jezus voor mijn neus zou staan, dan zou ik het geloven. Maar dat klopt waarschijnlijk niet, want de farizeeën leefden in dezelfde tijd als hij en geloofden het nog steeds niet. Ze hadden genoeg bewijs. Het is daarmee een kwestie van geloof. Zijn wij bereid om echt te geloven dat Jezus de Zoon van God is, en hem daarmee ook te volgen? Dit heb ik niet opgeschreven, maar het kwam wel in me op.
Mattheüs 11:28-30: De uitnodiging (47:20)
Kom naar mij toe, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, dan zal ik jullie rust geven. Neem mijn juk op je en leer van mij, want ik ben zachtmoedig en nederig van hart, dan zullen jullie werkelijk rust vinden. Want mijn juk is zacht en mijn last is licht.
Wat een uitnodiging, deze laatste zinnen van Mattheüs 11. We mogen bij de voeten van Jezus rusten. Er kan zoveel gewicht op ons liggen van alles wat we moeten: werken, het gezin onderhouden, het huishouden, en alle dingen die er tussendoor komen. Zeker als je momenteel in de tropenjaren zit, mam, dan is dat gewoon heel zwaar. Dan kan rust ongrijpbaar zijn, en al helemaal door verwachtingen van buitenaf, omdat anderen verwachten dat je bepaalde dingen doet. Dat kan heel zwaar op je liggen. Zo zie je ook bij de schriftgeleerden en de farizeeën wat hun verwachtingen van Jezus waren. Maar Jezus voldeed niet aan die verwachtingen van mensen. Hij was er om de wil van de Vader te doen.
Ik ben er echt van overtuigd dat Jezus onze lasten ziet en dat hij ons uitnodigt om ze bij hem te brengen. Misschien bedoelde Jezus dat ook met zijn juk op je nemen: het maakt niet uit wat de verwachtingen zijn van familie, van vrienden, van wie dan ook. Je mag bij hem komen en rusten, wat je ook draagt. Hij wil het met je dragen, zodat je het niet alleen hoeft te doen. Soms lost hij dingen op en soms blijven dingen bestaan. Maar samen met God kunnen we alles aan, en we mogen zijn juk op ons nemen. Hij draagt het samen met ons.
Hij is zachtmoedig en nederig van hart, en dat hebben we ook gemerkt als hij bij mensen op visite komt, bij tollenaars en zwakken, en mensen geneest. Hij schrikt niet af van wie wij zijn, want hij kent ons door en door. Niets is een verrassing voor hem. En we mogen van hem leren, van zijn manier van leven. Dat is ook die uitnodiging: kom en leer van mij. Als we onze ogen gericht houden op Jezus, kijken we naar zijn vruchten, zijn wandel, hoe hij met anderen omging door nederig te zijn, hoe hij de voeten waste van zijn discipelen en kleiner wilde worden om anderen te dienen. Zo mogen wij ook elkaar zien als zusters. En we mogen zien hoe groot de Koning is, hoe goed hij ons kent, dat hij kleiner is geworden en dat hij bij ons wil komen, zodat wij bij hem mogen rusten. Alle verwachtingen van de hele wereld mogen we aan zijn voeten leggen. We hoeven niet gebukt te gaan onder die lasten, maar we mogen ze brengen bij Jezus. Hij wil het samen met je dragen. Soms neemt hij het weg en soms ook niet, en dan mogen we er samen met Jezus doorheen wandelen.
Afsluiting (50:37)
Ik sluit af met de verwijzing die Jezus maakt in Mattheüs 6: laten we onze ogen op hem houden en naar de vogels kijken, ons verwonderen over de kleine dingen. De vogels zaaien niet en oogsten niet, en toch wordt er voor hen gezorgd. Zo zorgt Jezus ook voor ons. Hij kijkt naar waar wij mee zitten. Hij nodigt ons uit om aan zijn voeten te rusten, alles bij hem te leggen en naar hem te luisteren, niet om ons iets op te dragen, maar omdat hij van ons houdt en zo'n goede Vader is die weet wat goed voor ons is. Hij is onze Vader, onze vriend en onze Maker. Hij kent ons door en door. Wij mogen alles aan zijn voeten leggen, ook onze zorgen over het moederschap. Misschien hebben we zorgen over onze ADHD-diagnose, maar hij kent ons door en door, hij weet wie we zijn, en we hoeven het niet alleen te dragen. Niet de verwachtingen, niet onze te volle takenlijst. We hoeven niets alleen te dragen, we kunnen alles door hem die ons daarvoor de kracht geeft.
Dat waren mijn gedachten over dit hoofdstuk. Het is best een lange aflevering geworden, maar ik hoop dat het jou heeft bemoedigd. Ik vind het ontzettend leuk dat je naar mijn podcast luistert. Laat heel graag een review achter, ik ben benieuwd hoe jij de afleveringen ervaart. En laat me weten wat je graag de volgende keer samen met mij wilt lezen. Ik zie jullie heel graag tot de volgende keer. Gods zegen, en laat de verwachtingen van mensen maar bij Jezus. Ik wens je een hele fijne dag. Doei doei.
Heb jij genoten van deze podcast? Ik ben je voor eeuwig dankbaar als je een review zou willen achterlaten. Dat helpt mij enorm om te stijgen in het algoritme, zodat ik andere vrouwen zoals jij en ik kan helpen met geloof, moederschap en ADHD. Alvast enorm bedankt en tot de volgende keer.